Komt een dominee uit de kast…

Dominee blijkt homo

Ja, dát staat uitgebreid in de krant, dát vindt Nederland nieuws.
Helemaal omdat het een dominee is uit een zogenaamd ‘zware’ kerk.
Toen ik dat deed stond dat nergens.
En dat ieder jaar duizenden jongeren als jij dat doen, ook niet.
Dat is normaal. Maar komt een dominee uit de kast…

Toch vind ik dat van die dominee mooi om te lezen.
Bemoedigend ook voor die honderden homojongeren in kerken waar ze (nog) moeite hebben met homoseksualiteit.
Hopelijk krijgen die ook door dat ze veel beter af zijn buiten die kast.
Daarbinnen is het benauwd.
Een mens is niet gemaakt om in een kast te leven, die heeft ruimte nodig, ruimte om leven zoals hij is.
In die kringen net goed.
Daar is immers óók zes procent homoseksueel…
Dat ontkennen is zinloos,
net als te denken dat het ‘bij ons’ minder of niet voor komt.
Dat geldt ook voor migranten uit Afrika en het Midden Oosten,
of ze nu als eerste, tweede, of derde generatie in Nederland wonen.

Oorzaak zelfmoord?

Het komt nogal eens voor dat jongeren hun kerk en hun gemeenschap verlaten (soms ook móéten verlaten) als ze uit de kast komen.
Vandaar ook dat een aantal ervoor kiest dat niet te doen.
Maar volgens Amerikaans onderzoek is dát een van de oorzaken van die vijf keer zoveel zelfmoord onder homojongeren.
Geldt dat ook voor Nederland? Ik weet het niet.
Ik kan heel hard zeggen: ik hoop van niet.
Maar ik kan me er wel iets bij voorstellen.

Het moet een rampzalig zijn als je van jezelf ontdekt dat je homo bent en wéét dat je dáárom grote problemen gaat krijgen in je gezin, familie, school, kerk…
Ik snap dat je dan die gedachten en gevoelens diep wegstopt en probeert te ontkennen dat ze er zijn.
Maar ook dat je daardoor steeds meer in de knoei komt met jezelf.
Een stiekem of een dubbel leven houd je op de lange termijn niet vol.
En welke uitweg heb je dán nog…?

Godsdienstvrijheid

Ik geloof in godsdienstvrijheid, maar ik geloof nog meer in ieders recht te zijn en te leven volgens je geaardheid.
Ik begrijp het geloof niet waar dat veroordeeld wordt,
ik kan daar ook geen respect voor hebben.
Dat die dominee homo én zwaarchristenkerkelijk durft te zijn,
vind ik mooi.
Ik hoop dat velen van zijn ‘soortgenoten’ hem zullen volgen.

Hierbij de link waar je dat interview lezen kunt

http://www.trouw.nl/tr/nl/5091/Religie/article/detail/4414180/2016/11/13/De-dominee-die-uit-de-kast-kwam-Homo-zijn-was-het-ergst-denkbare.dhtml

3. Wel en geen keuze

Keuze

Dát je homo bent is geen keuze, zo ben je geboren.
Wat je daarmee dóét, welke levensweg je gaat, is wél je eigen keuze.

–   Je kunt blijven steken in fase 1:
je leven lang in je uppie blijven twijfelen over je geaardheid
en aan niemand laten merken dat je dat doet.
Dat gebeurt bij volwassenen waarvan de mensen om hen heen allang door hebben dat ze homo zijn, maar zelf weigeren ze dat toe te geven.

–   Je kunt stoppen bij fase 2:
accepteren dat je homo bent,
maar dat geheim houden voor je omgeving
en doorgaan voor de vrijgezel
die toevallig nooit tegen de juiste vrouw aangelopen is.

–   Je kunt bewust de grens leggen bij fase 3:
het is algemeen bekend dat je homo bent,
daar doe je niet krampachtig of geheimzinnig over,
maar je kiest er om verschillende redenen voor om alleen te blijven.
(Daarover een volgende keer meer)

Nog een keuze

Weg A of weg B is ook een keuze. Maar dan ben je al ouder.
Ook de meeste heterojongeren zijn boven de achttien of twintig voor ze toe zijn aan een vaste partner.
Als je 14, 15, 16 bent hoef je daar dus eigenlijk nog niet echt over na te denken.
Het is veel belangrijker dat je op een beetje leuke en goede manier fase 1, 2 en 3 door komt.

Thuis mee

Je boft als je dat zonder schaamte en schuldgevoel kunt doen omdat je omgeving er niet moeilijk over doet of je homo of hetero bent.
Dan nog zal je niet staan te juichen als je als knul merkt dat je op jongens valt, maar dan heb je het in ieder geval gemakkelijker dan jongens die weten dat ze thuis de grootste problemen gaan krijgen.

Wie in een vrije omgeving opgroeit doorloopt vrij gemakkelijk die eerste drie fases, net zoals een heterojongen.
Pas bij A of B wordt het moeilijk(er) en moet je kiezen: gaan voor een vaste relatie of vrijheid blijheid.

Thuis tegen

Wie weet dat ze thuis moeilijk gaan doen, heeft het moeilijker.
De kans dat zo’n jongen ‘ergens blijft hangen’ is groter.
Zijn gevoel van radeloosheid, schaamte en schuldgevoel ook.
Gecombineerd met depressie en eenzaamheid kun je je wel voorstellen dat in díé groep serieus gedacht wordt aan zelf een einde maken aan je leven…

En dus…

Zoek een praatpaal, liefst vóór je helemaal vastgelopen bent!
Uiteindelijk zijn het jóúw keuzes en beslissingen hoe je verder gaat met je leven. Maar dat wordt gemakkelijker als daar  met een ander over praat.

2. Verliefd op een jongen

Verliefd

In al die fases kun je verliefd worden.
Als je hetero bent, zal dat op een meisje zijn
en als je homo bent op een jongen.
Maar als je sociaal nog niet uitgegroeid bent,
of als je biseksueel bent,
kun je verliefd worden op allebei.
Meestal ná elkaar, maar soms ook tegelijk.
Dat is heel verwarrend,
want dan weet je niet wat je moet met die gevoelens.
En dat maakt je super onzeker.
Soms ook verwar je goede vriendschap met liefde
en heb je meer tijd nodig om het verschil te leren.

Wat moet je dan?

Het meest wijze is ‘gewoon’ erkennen dat je je zo voelt,
maar er in de praktijk niets mee doen.
Verliefdheid is een gevoel.
En net zoals alle gevoelens verdwijnt het meestal snel.
Voel je je na een paar weken nog steeds zo aangetrokken tot hem of haar, wordt het steeds duidelijker wie en wat je bent.
Sociale groei heeft tijd nodig.
De een snakt op z’n twaalfde naar verkering,
bij een ander ontstaat dat gevoel pas veel later.
Beide is normaal en goed.
Je bent niet automatisch homo als je op je twintigste nog nooit verkering hebt gehad of gewild.
Maar je zal ook de eerste niet zijn die pas ver na zijn twintigste voor zichzelf toe geeft dat hij homo is en blijft steken in fase 1.

Tijd nemen

Geef jezelf de tijd om duidelijk te krijgen hoe het bij jóú zit.
Hoor je tot de meerderheid die rond zijn zestiende wel weet of hij homo of hetero is: accepteer dat en leef daar naar.
Weet je dat niet: ga dan niet krampachtig op zoek naar duidelijkheid maar accepteer dat er in je leven kennelijk nog van alles mogelijk is.
Na verloop van tijd zal het wel duidelijk worden.

Geniet van je gevoel van verliefdheid,
maar doe geen domme dingen waar je later spijt van krijgt.

 

 

1. Model

Lange weg

Vanaf je eerste aarzeling over mogelijk homo zijn tot daadwerkelijk als homo leven is een lange weg in fases.
Dat geldt net zo voor heterojongens.
Maar die hebben het (meestal) gemakkelijker omdat de meerderheid van hun leeftijdgenoten die lange weg gaat.
Die kunnen bij elkaar afkijken en van elkaar leren.
Als homo mis je dat meestal
en moet je zélf uitzoeken hoe je kan en mag en wil leven.

Ter verduidelijk hierbij je

homo-levensweg in fases:

Fase 1 : aarzeling.
Zou het echt, ben ik homo?
Ontkenning, wegduwen, niet over praten,
overheen schreeuwen,
bewust verkering nemen met een meisje
om het tegendeel te bewijzen.

Fase 2: erkenning.
Je kunt er niet meer om heen, je moet wel.
Je leest er veel over, het wordt je steeds duidelijker.
Je hebt geen keus.
Je lichaam reageert op jongens en niet op meisjes.

Fase 3: uit de kast.
Nu je er zelf uit bent mogen anderen dat ook weten.
Je hebt geen zin meer verstoppertje te moeten spelen.
Je accepteert jezelf en hoopt dat anderen dat ook doen.
Blij ontdek je dat de meeste mensen je niet afwijzen
maar achter je staan.

Twee wegen

En dan komt je levensweg op een T-splitsing
en moet je kiezen: A of B.
Je hebt je leven redelijk op orde,
jijzelf en je omgeving accepteren dat je homo bent.
Dus is het logisch dat je je afvraagt:  hoe nu verder?
Blijf ik alleen of zoek ik een levenspartner…

Weg A is die van verliefd worden.
Die eindigt met een vaste vriend
met wie je de rest van je leven verder wil,
net zo als een heteroman in een heterohuwelijk,
maar dan als twee homo’s.
Maatschappelijk gezien kan dat in Nederland,
die vrijheid heb je.

Weg B is die van de solist, de vrijgezel,
de man die zo nu en dan een relatie heeft,
maar zich niet kan of wil binden,
die op zichzelf leeft,
voor zichzelf zorgt
en daar tevreden en gelukkig mee is.

Mix

Dit is theorie, in de praktijk lopen die fases en wegen door elkaar.
Soms is het een mix van alle vijf.
Je doet je uiterste best om voor de buitenwacht niet te laten merken dat je je je homo voelt, maar voor jezelf heb je al wel door dat je er niet meer onderuit kunt.
Zeker niet omdat je in stilte eigenlijk verliefd bent op die leuke jongen uit de parallelklas die altijd naar je lacht.
Je bent nog lang niet toe aan een vaste relatie, maar je betrapt jezelf erop dat je soms droomt en fantaseert over hoe leuk jullie het samen hebben.

Toch helpt zo’n model om voor jezelf met je verstand vast te stellen waar je ongeveer zit op die weg…

 

 

Maarten Luther 500 jaar Reformatie

Waarom Maarten Luther hier?

Om het meteen maar even duidelijk te stellen:
op internet vind je geen enkele opmerking over homoseksualiteit van deze monnik en kerkhervormer.
Wel dat hij in z’n eentje vijfhonderd jaar geleden zonder krant, tv
en social media de hele wereld van zijn tijd op z’n kop zette.
Geen idee of hij die ooit gemaakt heeft.
Waarom dan toch een stukje over hem op deze site?

Zelf nadenken

Hij was in zijn tijd de eerste die niet automatisch de mening van de meerderheid overnam.
Hij had het lef zélf na te denken en hardop te zeggen wat hij dacht.
Dat werd hem niet in dank afgenomen,
maar hij hield vast aan wat hij zag als de waarheid.
Hij heeft bijvoorbeeld de bijbel in het Duits vertaald
zodat ook gewone mensen die konden lezen
en zélf tot een mening konden komen over wat ze daar lazen.

In kerkelijke kringen is een heleboel gaande over ‘ons’
en wat ze van ons denken is aan het verschuiven.
Voor de ene groep (een minderheid) zijn we slecht en zondig
als we toegeven dat we homo zijn en verlangen naar een lieve vriend.
Voor de andere (de meerderheid) zijn we mens als iedereen
en is het dus logisch dat we daar naar verlangen.
In de ene kerk mogen we wel homo zíjn, maar daar niet naar léven,
in de andere vinden ze dat hypocriet en onzin.
En allebei baseren ze hun mening op de bijbel.

Wat moet je dan als christelijk opgevoede homotiener?
Welke keus heb je? Alleen die tussen slikken of stikken?
Maarten Luther deed het anders en zocht zijn éígen weg!
Wow! Daar is lef voor nodig.
Om een voorbeeld aan te nemen…
Durf méér te lezen dan in je eigen kring gebruikelijk is
(niet zo moeilijk via internet).
En verdiep je ook eens in wat ándere kerken zien als de bijbelse waarheid over homoseksualiteit.
Niet om je af te zetten tegen je ouders en je kerk,
maar voor je eigen bestwil.

Zoek je eigen weg

Je bent niet gek of slecht en zondig als je je afvraagt of je homo bent,
ook niet als je op een gegeven moment erkent dat je zo bent.
In beide gevallen heb je een luisterend oor nodig van iemand die je begrijpt en met je mee voelt.
Liefst van thuis, van je vrienden, je omgeving.
En als je die niet hebt…?
Jammer, dan zul je je eigen weg moeten gaan, net als Maarten Luther.
(Of jaren blijven slikken en stikken en langzaam kapot gaan…)

Maar ik wíl geen homo zijn!

Ik wil geen homo zijn!

Zou je het erg vinden als je homo zou zijn?
Ik wel vroeger, en dus wilde ik die vraag niet stellen aan mezelf.
Niet over nadenken.
Ik wíl geen homo zijn en dus bén ik geen homo!

Herkenbaar? Dan weet je ook dat het niet werkt.
Je hebt immers geen keus.
Je bent homo of je bent het niet.
Zo ben je geboren.
Als je geen homo bent, zul je het ook niet worden.
Als je wél homo bent, kun je proberen dat te ontkennen,
kun je je gaan gedragen alsóf je hetero bent,
maar vroeg of laat kom je er achter
dat je bezig bent jezelf kapot te maken.

Ik vond het vreselijk toe te moeten geven dat ik homo ben.
Het heeft lang geduurd voordat ik dat accepteerde van mezelf.
Ik had het idee dat ik iemand móést zijn, die ik niet wílde zijn.

Ik ben homo

Ja, als je zo tegen jezelf aankijkt is homo-zijn erg.
Dan maak je het voor jezelf heel moeilijk.
Ik had een psycholoog nodig om me duidelijk te maken waar mijn depressiviteit vandaan kwam.
Nu denk ik: was ik maar eerder eerlijk geweest tegen mezelf…
Ik weet het: beter laat dan nooit, maar toch…

Herinneringen op het strand

Tienerherinneringen

Door een vervelend misverstand heb ik van de week in m’n uppie een eind over het strand gewandeld. Ik zou met vrienden gaan, maar had een verkeerd verzameladres toegestuurd gekregen.
Omdat er nu toch was, ben ik maar alleen gaan lopen.

Dat was nogal heftig, want ik besefte plotseling dat ik hier vijftig jaar geleden ook liep, ook alleen.
Toen zat ik zwaar met mezelf in de knoop.
Ik had door dat ik anders was dan mijn leeftijdgenoten.
Ik zag en droomde van leuke jongens waar anderen mooie meisjes in beeld hadden en schaamde me dood.
Dat mocht niemand weten, dat kon niet, dat mocht niet, dat was vies, schandalig, slecht.
En dus hield ik mijn mond…

Ze waren er toen ook

Van de week op dat strand realiseerde ik me (weer) dat ik het voor mezelf nodeloos moeilijk gemaakt heb destijds.
Had werkelijk iedereen zó over me gedacht als ik zelf deed?
Vast niet.
Toen was ook al zes procent van de mensen homo, net zo als ik.
Als ik nu terugdenk aan mijn middelbareschoolklas kan ik er zo een aanwijzen en van nog een vermoed ik het.
In mijn familie zijn ook homo’s (maar dat wist ik toen niet), net zoals bij mij in de straat, de sportclub en de vrienden waar ik zo nu en dan mee uit ging.
Niet alleen statistisch die één op de zestien, maar reëel, in de werkelijkheid om me heen.
Ik heb ze gezien maar net als zij gezwegen, net als zij mijn verdrietige last alleen gedragen.
Dat deed iedereen toen.

De vrienden met wie ik over het strand had zullen lopen, weten het inmiddels van mij.
Ik heb het ze een paar jaar geleden verteld en ze waren niet verbaasd.
‘Eigenlijk wisten we het al, maar ja, je was getrouwd, je had kinderen.
Dus wij dachten: zeker toch verkeerd gezien…’

Ouders

Hadden mijn ouders me geaccepteerd als ik ze met dertien-veertien verteld had van mijn twijfel over mezelf, mijn schaamte over die rare dromen?
Ik heb het niet gedurfd. En dus weet ik het niet.
Toen ik uiteindelijk uit de kast kwam waren ze al overleden.
Maar had het gekund?
Mijn zus zegt van wel, mijn vader zeker, van mijn moeder weet ze het niet.
Zij zou er geen moeite mee gehad hebben.
Ik hád dus steun kunnen hebben…

De tijden zijn veranderd.
Er wordt veel opener gesproken over homoseksualiteit.
Het is veel meer geaccepteerd dat niet iedereen valt op het andere geslacht.
De tijd dat dat als vies, slecht en raar streng veroordeeld werd is voorbij.
Dat je er niet blij mee bent als je je afvraagt of eigenlijk bijna zeker weet dat jij ook zó bent, is logisch.
Maar die last alleen dragen hoeft echt niet meer.

In een strandtent aan de boulevard heb ik warme chocola gedronken.
Of iemand van de andere gasten door had dat daar een homo van zijn appeltaart zat te smullen weet ik niet.
Het is niet belangrijk, ik had er ook met een goede vriend kunnen zitten…

Dag roze koeken…

Rozekoekendag

Nooit eerder van gehoord, maar het is een leuk woord.
Even googelend blijkt het een initiatief van een homojongerenorganisatie in Nijmegen samen met het ROC daar.
Dan staan ze op de markt met een informatiekraam en delen roze koeken uit aan jong en oud.
Iedereen mag draaien aan het rad van avontuur en krijgt een nadenk-prijsje.
Zo laten ze zien dat ze leuke, gezellige studenten zijn die ‘gewoon’ net als iedereen bezig zijn iets moois te maken van hun leven en gelukkig zijn.
Daar schamen ze zich niet (meer) voor.
Ze hebben hun ánders-zijn-dan-de-meerderheid geaccepteerd en iedereen mag dat weten.

Net als jij hebben ze het daar in het begin moeilijk mee gehad.
Dat is logisch. Geen enkele jongere roept hoera als hij merkt dat zijn verlangens meer de homokant uit gaan.
Maar zij hebben geleerd en ervaren dat ze daarom niets minder zijn, dat ze net zo goed gelukkig kunnen en mogen zijn.
En daar praten ze ‘gewoon’ over.

Verreweg de meeste medestudenten en voorbijgangers reageren positief.
Je geaardheid veroordelen zit meestal tussen je eigen oren.
Ik heb het heel lang van mezelf gek-raar-slecht gevonden dat ik homo ben en dus dacht ik dat iedereen dat zou vinden en hield ik mijn mond.
Nu weet ik: die leugen moet je niet geloven.
Dat hoeft niet.
Dan maak je het leven nodeloos moeilijk.

Accepteer dat

Als je 12,13,14, 15 bent zit je nog in dat ontwikkelingsproces van ‘wie ben ik?’
Je identiteit staat nog niet vast, je sociale kant is nog niet uitgegroeid
(zie vorige blogs).
Dat één op de acht zich dus afvraagt of hij/zij misschien wel homo is, is dus ook niet vreemd.
Accepteer dat van jezelf en praat er over.
Ga lekker een roze koek halen! Niet bang zijn.
Praat over wat je bezig houdt.
Je bent niet de enige.

Faken hoeft niet

Doen alsof

Faken, net doen alsof, eigenlijk de boel een beetje voor de gek houden, doen alsof je hetero bent.
Iedereen laten denken dat je ‘gewoon’ net zo bent als alle andere jongens.
Want je schaamt je voor je dromen en verlangens.
Die mag niemand weten.
Je bent als de dood dat ze je uitlachen als dat bekend zou zijn en dat je eruit ligt in de klas.
Of nog erger: dat je daar mee gepest wordt.

Applaus

Maar van de week vertelde een oma dat haar kleindochter van dertien in haar brugklas spontaan verteld heeft dat ze meisjes veel leuker vindt dan jongens en zich daarom afvraagt of ze lesbisch is.
Ze kreeg spontaan applaus!
Zo kan het blijkbaar.
Haar mentor heeft toen uitgelegd dat ze nog in ontwikkeling is en dus ook haar sociale kant nog niet uitgegroeid is (zie vorige blogs).
Maar dat ze hardop durft te zeggen hoe ze zich nú voelt, verdient inderdaad applaus.
En dat geldt ook voor de klas als geheel waar je blijkbaar veilig genoeg bent om dat hardop te zeggen.
Daarna durfden meer leerlingen toe te geven dat ze wel eens zo dachten over zichzelf, zowel jongens als meisjes.

WOW! Als je zó kan en mag denken over jezelf zonder dat dat door leeftijdgenoten en je omgeving gek-raar-slecht gevonden wordt…
Dan heb je de ruimte om zonder zorgen uit te groeien tot wie je bent: homo of hetero.
Dat maakt niet uit dan.
Dan hoef je faken door verkering te ‘nemen’ om te ‘bewijzen’ dat je ‘normaal’ bent.

Praat er over

Zó open en eerlijk zijn op school zal niet overal kunnen.
Maar in ieders omgeving zijn mensen, leeftijdgenoten en volwassenen, bij wie je wél terecht kunt met je verhaal.
En door te praten over wat je bezig houdt, leer je jezelf en anderen de tijd geven voor ieders sociale groei.
Het wordt vanzelf wel duidelijk wie of wat je bent.
Homo of hetero, het is allebei goed!